ECLI:NL:RBMNE:2025:1592
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ongedaanmaking huwelijksregistratie in BRP
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Utrecht om zijn huwelijk ongedaan te maken in de Basisregistratie Personen (BRP). Het huwelijk was voltrokken op de Egyptische ambassade in Den Haag en geregistreerd op basis van een Egyptische consulaire huwelijksakte.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het huwelijk niet rechtsgeldig is volgens Nederlands recht omdat verzoeker de Nederlandse nationaliteit bezit en het huwelijk niet is voltrokken voor een Nederlandse ambtenaar van de burgerlijke stand. Het huwelijk kan daarom niet worden erkend en de registratie in de BRP is terecht ongedaan gemaakt.
Hoewel verzoeker een spoedeisend belang heeft vanwege een civiele procedure over de huurovereenkomst van de vrouw met wie hij het huwelijk stelt te zijn aangegaan, is de redelijke kans van slagen van het bezwaar onvoldoende om een voorlopige voorziening toe te kennen. De overige beroepsgronden leiden niet tot een ander oordeel.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af en benadrukt dat dit oordeel een voorlopig karakter heeft en niet bindend is voor een eventueel bodemgeding.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot ongedaanmaking van de huwelijksregistratie in de BRP wordt afgewezen.