Uitspraak
[eiseres] uit [plaats] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laren, verweerder
Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: [derde partij] uit [plaats]
Inleiding
de primaire besluiten) heeft het college de gevraagde omgevingsvergunningen aan derde-partij verleend.
het bestreden besluit) heeft het college het bezwaar van eiseres gegrond verklaard, maar de primaire besluiten in stand gelaten onder de aanvullende motivering dat de bouwactiviteiten waar de omgevingsvergunningen op zien zijn toegestaan op grond van het overgangsrecht, omdat die zijn aan te merken als ‘gedeeltelijke vernieuwing en verandering’, en dat de omgevingsvergunningen zijn verleend onverminderd de aan derde-partij verleende persoonsgebonden gedoogbeschikking.
Overwegingen
in het hoofdgebouw. Op grond van artikel 18.2.1, aanhef en onder a, van de planregels dienen hoofdgebouwen ten dienste van de bestemming wonen echter binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Omdat het perceel van derdepartij geen bouwvlak heeft, is er geen sprake van een hoofdgebouw op het perceel in de zin van het bestemmingsplan. Een aan-huis-verbonden beroep of -bedrijf in het hoofdgebouw is op grond van het bestemmingsplan daarom niet mogelijk, en dus niet toegestaan op het perceel van derde-partij.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover het college daarin heeft beslist op het bezwaar van eiseres tegen de omgevingsvergunning voor het vervangen van de dakbedekking van de paardenstallen en overige bijgebouwen (niet de rijbak);
- draagt het college op om, met inachtneming van wat de rechtbank in deze uitspraak heeft overwogen, binnen zes weken een nieuw besluit te nemen op het bezwaar van eiseres in zoverre;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.750,--;
- bepaalt dat het college het door eiseres betaalde griffierecht van € 184,-- aan haar vergoedt.