ECLI:NL:RBMNE:2024:788
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde woning en toewijzing proceskosten
Eiser betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning aan een adres te een plaats, vastgesteld op €1.682.000 voor het belastingjaar 2022 met waardepeildatum 1 januari 2021. Na een bezwaarprocedure handhaafde de heffingsambtenaar de waarde, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank Midden-Nederland.
Tijdens de online zitting op 11 januari 2024 bereikten partijen een compromis waarin zij overeenkwamen dat de waarde van de woning €1.500.000 bedraagt. De rechtbank sloot zich hierbij aan en verklaarde het beroep gegrond. Tevens werd bepaald dat de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig wordt verminderd.
De rechtbank veroordeelde de heffingsambtenaar tot vergoeding van het griffierecht van €50 en proceskosten van €1.982,76 aan eiser. Tevens wees de rechtbank op de nieuwe wettelijke regeling per 1 januari 2024 dat vergoedingen alleen op een bankrekening op naam van eiser mogen worden uitbetaald. De uitspraak verving de bestreden uitspraak op bezwaar en werd uitgesproken op 16 februari 2024.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt verminderd tot €1.500.000 en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.