De tandarts en voormalig praktijkhouder vorderde in kort geding dat Movir de arbeidsongeschiktheidsuitkering hervatte op basis van een arbeidsdeskundig rapport, nabetaling verricht, het onderzoek door Bureau Terzet staakte, en maandelijks 50% uitkering bleef verstrekken. Movir had de uitkering stopgezet en teruggevorderd wegens vermeende te hoge betalingen sinds 2018.
De rechtbank oordeelde dat de vaststelling van arbeidsongeschiktheid volgens polisvoorwaarden moet gebeuren op basis van deskundigenrapporten. Hoewel de verzekerde vanaf 2019 een 100% uitkering ontving, werd dit gezien als voorschot omdat de feitelijke arbeidsongeschiktheid niet was vastgesteld. De arbeidsdeskundige concludeerde een lager percentage, en Movir mocht de te veel betaalde bedragen verrekenen.
De verplichting tot medewerking aan onderzoek door Terzet werd bevestigd, omdat er een verschil kan zijn tussen theoretische en feitelijke arbeidsongeschiktheid. De gevraagde informatie was deels redelijk, deels te uitgebreid. De vorderingen werden afgewezen wegens onvoldoende kans van slagen in de bodemprocedure. De tandarts werd veroordeeld in de proceskosten.