Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek met een vermindering van eis;
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser en gedaagde sloten meerdere overeenkomsten van opdracht waarbij eiser vakantiehuizen voor gedaagde bouwde. Gedaagde betaalde niet alle facturen, waardoor eiser een vordering van €10.500 instelde. Gedaagde erkende een deel van de schuld (€10.000), maar betwistte betaling van de resterende €500.
De kantonrechter oordeelde dat gedaagde onvoldoende bewijs leverde voor de vermeende betaling van de €500 en dat verrekening niet kon plaatsvinden. Daarom moet gedaagde het volledige bedrag van €10.500 betalen, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 25 januari 2024.
Daarnaast werd gedaagde veroordeeld tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten van €980 en de proceskosten van €2.042,12. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is op 7 augustus 2024 uitgesproken door de kantonrechter.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €10.500, wettelijke rente, incassokosten en proceskosten.