Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Kameroen),
hierna te noemen: [verdachte] .
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van [verdachte] ter terechtzitting van 9 juli 2024;
- een proces-verbaal van aangifte van 22 juni 2023
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.BENADEELDE PARTIJ
11.VORDERING TENUITVOERLEGGING
12.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
13.BESLISSING
jeugddetentievoor de duur van
160 (honderdzestig) dagen;
jeugddetentieeen gedeelte van
81 (eenentachtig) dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat [verdachte] de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
2 (twee) jarenvast;
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het derde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- meewerkt aan verblijf op een woonvoorziening, zolang de jeugdreclassering dit nodig acht;
- zich inzet voor het verkrijgen en behouden van een positieve dagbesteding (school en/of werk);
- zich inzet voor het verkrijgen van een positieve vrijetijdsbesteding;
- zich zal houden aan de aanwijzingen in het kader van Toezicht en Begeleiding gegeven door de jeugdreclassering, waarvan maximaal 12 maanden na de datum van dit vonnis zal bestaan uit intensieve begeleiding in het kader van ITB Harde Kern, en zich daarna gedurende een door de jeugdreclassering te bepalen periode (die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd) op door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen zal melden, zo frequent en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht en zijn medewerking verleent aan de daaruit voortvloeiende afspraken;
- geen contact heeft met het slachtoffer, de heer [benadeelde] , geboren op [1972] te [geboorteplaats] , tenzij dit in het kader is van mediation. De politie wordt belast met het toezicht op deze voorwaarde;
- meewerkt aan behandeling van Levvel of een soortgelijke instantie, zolang de jeugdreclassering dit nodig acht;
- meewerkt aan hulpverlening, zolang de jeugdreclassering dit nodig acht;
- zich niet zal bevinden binnen een straal van 1.000 meter van [adres] te [woonplaats] , zolang de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht. De politie wordt belast met het toezicht op deze voorwaarde;
- een Apple iPhone, rood (PL0900-2023186382-3182191);
- een Hp Chromebook met oplader, grijs (PL09002023186382-3182192);
- een Apple iPhone met kapot scherm (PL0900-2023186382-3182194);
- een Tcl telefoon, blauw (PL0900-2023186382-3182200).
- wijst de vordering van de heer [benadeelde] toe tot een bedrag van € 11.865,36, bestaande uit materiële schade (herstelkosten);
- veroordeelt [verdachte] hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 juni 2023 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander of anderen (gedeeltelijk) is betaald, [verdachte] (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- wijst het bedrag van € 2.171,32 (BTW over de herstelkosten) af;
- verklaart de heer [benadeelde] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt [verdachte] de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de heer [benadeelde] aan de Staat € 11.865,36 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 juni 2023 tot de dag van de volledige betaling. De rechtbank bepaalt dat bij niet betaling geen gijzeling zal worden toegepast;
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
verlengtde bij vonnis van 27 december 2022 door de meervoudige kamer in de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, aan de opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie verbonden
proeftijd met één jaar.