Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.[eiseres sub 1] ,
2.
[eiser sub 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in voorwaardelijke reconventie met producties (1 t/m 5),
- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald,
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
Tegen de achtergrond van de ernst van het probleem (scheurvorming bij de bovenburen) en het feit [gedaagde] niet of nauwelijks reageert, hoefde [eiseres] niet meer te rekenen op een deugdelijke nakoming door [gedaagde] . Dat [gedaagde] , zoals hij aanvoert, in de veronderstelling was dat er een bouwstop was, maakt dat niet anders. Hij wist immers dat er nieuwe berekeningen moeten komen. Hij heeft ter zitting toegelicht dat hij in mei 2022 op zoek ging naar een constructeur en toen hoorde dat die pas in augustus 2022 beschikbaar was. Het had op zijn weg gelegen dit met [eiseres] te communiceren, maar dat heeft hij niet gedaan.
.Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten is hoger dan het in het Besluit bepaalde tarief. De rechtbank zal het bedrag dan ook toewijzen tot het wettelijke tarief van € 1.070,83 berekend over (€ 22.406 + € 2.725 + € 4.452,80 = € 29.583,80), met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding.