In deze kortgedingprocedure vordert de vader dat de moeder de omgangsregeling met hun minderjarige zoon nakomt, nadat de moeder de omgang sinds 12 november 2023 zonder rechtvaardiging heeft stopgezet. De rechtbank Gelderland had eerder een zorgregeling vastgesteld waarbij de zoon ieder weekend bij de vader verbleef.
De moeder stelde dat zij de omgang had gestopt vanwege mishandeling door de vader en angst voor ontvoering, maar kon deze stellingen niet aannemelijk maken. De voorzieningenrechter oordeelde dat de moeder onvoldoende feiten en omstandigheden had gesteld om zwaarwegende belangen aan te tonen die de stopzetting rechtvaardigen.
De voorzieningenrechter veroordeelde de moeder tot nakoming van de zorgregeling, stelde een dwangsom in voor het geval van niet-nakoming en veroordeelde haar ambtshalve tot betaling van de proceskosten van de vader. Verder werden aanvullende vorderingen van de vader, zoals dagelijkse (video)belcontacten en telefonische bereikbaarheid, afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.
De uitspraak benadrukt het belang van de omgang voor de ontwikkeling van het kind en raadt ouders aan hulpverlening te zoeken om hun verstoorde relatie te verbeteren.