Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
- [verweerster] , bijgestaan door mr. Hos;
- [B] , arts;
- [C] en [D] , dochters van [verweerster] .
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht om een opvolgende rechterlijke machtiging voor gedwongen opname en zorg voor een vrouw met Alzheimer en vasculaire dementie, voor een periode van vijf jaar. De cliënt verblijft momenteel in een verpleeghuis op basis van een eerdere machtiging die binnenkort afloopt.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat de cliënt verbaal verzet toont wanneer expliciet gevraagd wordt of zij wil blijven, maar dit verzet is minimaal, niet consistent en zij toont geen initiatief om daadwerkelijk te vertrekken. Haar dochters en behandelend arts bevestigen dat zij zich niet bewust is van haar opname en de instelling als haar thuis ervaart.
De rechtbank concludeert dat de cliënt zodanig gedesoriënteerd is dat het concept 'naar huis gaan' voor haar niet reëel is en dat er geen sprake is van verzet van betekenis. Hierdoor is niet voldaan aan een noodzakelijke voorwaarde voor het verlenen van een rechterlijke machtiging. Het verzoek wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de rechterlijke machtiging voor gedwongen zorg wordt afgewezen wegens het ontbreken van betekenisvol verzet.