Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.VRIJSPRAAK
5.BENADEELDE PARTIJ
6.BESLISSING
spreekt verdachte daarvan vrij;
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 16 mei 2024 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het onttrekken van twee minderjarigen aan het wettig ouderlijk gezag op 8 november 2022. De minderjarigen waren destijds 15 en 16 jaar oud en waren zelf van huis weggelopen na een aanhouding wegens winkeldiefstal. Verdachte en een medeverdachte hadden hen meegenomen naar een hotel.
De officier van justitie stelde dat verdachte willens en wetens een beslissende invloed had op de voortduring van de scheiding tussen de minderjarigen en hun ouders, onder meer door het uitschakelen van telefoons en het verbod om contact op te nemen met ouders. De verdediging betoogde dat de minderjarigen zelf het initiatief hadden genomen om weg te lopen en dat verdachte geen beslissende invloed had gehad.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van de minderjarigen wisselend waren en dat de door de officier van justitie aangevoerde omstandigheden onvoldoende steun vonden in het dossier. Zo was er bewijs dat de minderjarigen gedurende de dag contact hielden met hun moeder via Snapchat en hadden zij hun telefoons bij zich toen de politie arriveerde. Ook camerabeelden en verklaringen boden geen steun voor een beslissende invloed van verdachte.
Gezien de schaamte van de minderjarigen over hun aanhouding achtte de rechtbank het aannemelijk dat zij ook zonder tussenkomst van verdachte van huis waren weggebleven. Daarom kon niet met voldoende mate van zekerheid worden vastgesteld dat verdachte een beslissende invloed had gehad op de voortduring van de onttrekking aan het ouderlijk gezag. Verdachte werd vrijgesproken van het ten laste gelegde.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot immateriële schadevergoeding omdat verdachte werd vrijgesproken. De rechtbank veroordeelde de benadeelde partij in de kosten van verdachte, welke tot op heden nihil werden begroot.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van beslissende invloed op onttrekking minderjarigen aan ouderlijk gezag.