Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 mei 2024 in de zaak tussen
[eiser sub 1], en
[eiser sub 2],
Rechtbank Midden-Nederland
Eisers hebben een verzoek ingediend om handhavend op te treden tegen windpark Houten vanwege vermeende strijd met het Unierecht, gebaseerd op het Nevele-arrest van het Hof van Justitie en de Delfzijl-uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak. Het windpark bestaat uit drie turbines en is sinds 2009 in gebruik, met milieunormen vastgelegd in maatwerkvoorschriften uit 2012.
De rechtbank stelt vast dat de maatwerkvoorschriften uit 2012 nog steeds gelden, ondanks eerdere uitspraken die de beslissing op bezwaar vernietigden wegens motiveringsgebrek. Eisers kunnen deze voorschriften niet via het handhavingsverzoek exceptief toetsen aan het Unierecht, omdat het maatwerkvoorschriften betreft die specifiek op dit windpark zijn gericht en geen algemeen verbindend voorschrift zijn.
De rechtbank volgt het college in de uitleg dat het handhavingsverzoek niet leidt tot intrekking van de maatwerkvoorschriften en dat het college niet verplicht is deze te herzien op grond van het Kühne & Heitz-arrest. Het beroep van eisers wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eisers tegen het handhavingsbesluit wordt ongegrond verklaard en de maatwerkvoorschriften uit 2012 blijven van kracht.