Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van [verdachte] ter terechtzitting van 26 maart 2024;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte, genummerd PL0900-2023177959-2 opgemaakt door [verbalisant 1] , hoofdagent bij politie Midden-Nederland, en gesloten op 15 juni 2023, houdende een verklaring van [slachtoffer 1] (pag. 1 en 2 einddossier);
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte, genummerd PL0900-2023177957-2 opgemaakt door [verbalisant 2] , brigadier bij politie Midden-Nederland, en gesloten op 15 juni 2023, houdende een verklaring van [slachtoffer 2] (pag. 7 t/m 9 einddossier);
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte, genummerd PL0900-2023177978-2 opgemaakt door [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , brigadiers bij politie Midden-Nederland, en gesloten op 15 juni 2023, houdende een verklaring van [slachtoffer 3] (pag. 12 en 13 einddossier);
- een proces-verbaal van aangifte, genummerd PL0900-2023194939-2 opgemaakt door [verbalisant 5] , brigadier bij politie Midden-Nederland, en gesloten op 29 juni 2023, houdende een verklaring van [slachtoffer 4] met aangehecht fotobijlagen (pag. 12 en 13 procesdossier);
- een in wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte, genummerd PL0600-2023475532-4 opgemaakt door [verbalisant 6] , hoofdagent bij politie Oost-Nederland, en gesloten op 13 oktober 2023, houdende een verklaring van [slachtoffer 5] (digitaal pag. 10);
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van verhoor van [verdachte] , genummerd PL0600-2023475532-6, opgemaakt door [verbalisant 7] , hoofdagent, en [verbalisant 8] , aspirant bij politie Oost-Nederland, en gesloten op 30 oktober 2023 (digitaal pag. 24).
5.BEWEZENVERKLARING
,met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van een mobiele telefoon (Apple iPhone 11), een identiteitskaart en een tas met inhoud die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 2] toebehoorden door:
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd op de openbare weg en terwijl het feit wordt gepleegd door twee verenigde personen;
poging zware mishandeling
mishandeling;
medeplegen van mishandeling.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
9.BENADEELDE PARTIJ
10.VORDERING TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
8 (acht) maanden;
plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
Benadeelde partij [slachtoffer 1]
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 2.505,25 (bestaande uit € 505,25 voor materiële schade en € 2.000,- voor immateriële schade);
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 juni 2023 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] voor wat betreft het meer gevorderde aan immateriële schade en materiële schade af;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 juni 2023 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] toe tot een bedrag van € 18.263,79 (bestaande uit € 16.263,79 voor materiële schade en € 2.000,- aan immateriële schade);
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente
- over een bedrag van € 2.051,69,- vanaf 15 juni 2023;
- over een bedrag van € 135,- vanaf 5 december 2023;
- over een bedrag van € 125,10 vanaf 9 februari 2024;
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] voor wat betreft het meer gevorderde aan immateriële schade en materiële schade af;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat € 18.263,79 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente
- over een bedrag van € 135,- vanaf 5 december 2023;
- over een bedrag van € 125,10 vanaf 9 februari 2024;
- wijst de vordering van [slachtoffer 4] toe tot een bedrag van € 11.228,38 (bestaande uit € 7.228,38 voor materiële schade en € 4.000,- voor immateriële schade);
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 4] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente
- over een bedrag van € 4.070,- vanaf 15 juni 2023;
- over een bedrag van € 1.146,34 vanaf 1 januari 2024;
- over een bedrag van € 6.6012,04 vanaf 1 oktober 2023;
- verklaart [slachtoffer 4] voor wat betreft het meer gevorderde aan toekomstige schade (materiële schade) niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- wijst de vordering van [slachtoffer 4] voor wat betreft het meer gevorderde aan immateriële schade af;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 4] aan de Staat € 11.228,38 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente
- over een bedrag van € 1.146,34 vanaf 1 januari 2024;
- over een bedrag van € 6.6012,04 vanaf 1 oktober 2023;