ECLI:NL:RBMNE:2024:1129
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- G. Koning
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening moratorium op grond van artikel 287b Faillissementswet
Verzoeker heeft gelijktijdig met het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling een verzoek ingediend tot het instellen van een voorlopige voorziening op grond van artikel 287b Faillissementswet. Deze voorziening is bedoeld om een adempauze te creëren zodat verzoeker een minnelijke schuldregeling kan bewerkstelligen of toelating tot de schuldsaneringsregeling kan verkrijgen.
Tijdens de zitting op 26 februari 2024 zijn verzoeker, schuldhulpverleners en vertegenwoordigers van verweerster, Stichting Portaal, gehoord. Verweerster betwist de stabiliteit van de situatie van verzoeker en wijst op eerdere niet nagekomen betalingsafspraken.
De rechtbank overweegt dat de situatie van verzoeker te instabiel en onduidelijk is om een moratorium toe te kennen. Hoewel de lopende huur is voldaan, is onduidelijk wat de gevolgen zijn van de gebruikte zakelijke rekening en ontbreken privé-bankgegevens. Tevens zijn de inkomsten wisselend en staat de huur niet in verhouding tot het inkomen. De rechtbank concludeert dat de noodzaak en gerechtvaardigdheid van de voorlopige voorziening onvoldoende is aangetoond en wijst het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening moratorium wordt afgewezen wegens onvoldoende stabiliteit en noodzaak.