Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord;
- de brief van 6 juni 2023 waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
Rechtbank Midden-Nederland
Partijen sloten een overeenkomst waarbij de advocaat werkzaamheden verrichtte voor de gedaagde, met declaratie op basis van een uurtarief. De gedaagde stelde dat een vaste prijs was afgesproken en dat hij dit bedrag had voldaan, maar kon dit niet concreet onderbouwen.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat een vaste prijs was overeengekomen, mede omdat de gedaagde eerdere facturen zonder protest had betaald en toezeggingen tot betaling via WhatsApp had gedaan. De openstaande facturen van in totaal €3.636,17, waarvan €1.815,- was voldaan, moesten alsnog worden betaald.
De buitengerechtelijke incassokosten werden gedeeltelijk toegewezen op basis van het openstaande bedrag van €1.821,17, en de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding werd toegewezen. De vordering van rente vanaf een onduidelijke verzuimdatum werd afgewezen. De gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten van €870,32. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €2.094,35 plus wettelijke rente en proceskosten.