ECLI:NL:RBMNE:2023:7550
Rechtbank Midden-Nederland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schorsing concurrentiebeding en matiging relatiebeding assistent makelaar
Deze zaak betreft een kort geding over de geldigheid en handhaving van een concurrentie- en relatiebeding in de arbeidsovereenkomst van een assistent makelaar die haar dienstverband heeft opgezegd om bij een concurrerend makelaarskantoor te gaan werken.
De eiseres vordert onder meer de schorsing van het concurrentiebeding, matiging van het relatiebeding, een vergoeding wegens beperking van haar arbeidskeuze en een verbod voor de werkgever om boetes te vorderen. De werkgever betwist deze vorderingen en stelt dat het concurrentiebeding geldig is en dat de nieuwe werkgever als concurrent moet worden beschouwd.
De kantonrechter stelt vast dat het concurrentiebeding geldig is en dat de nieuwe werkgever een concurrerend bedrijf is binnen de geografische reikwijdte van het beding. De eiseres heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij onbillijk wordt benadeeld door handhaving van het beding of dat zij recht heeft op een vergoeding. Ook is het boetebeding rechtsgeldig.
Daarom worden de vorderingen afgewezen en wordt de eiseres veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak is in het openbaar gedaan door kantonrechter K.G.F. van der Kraats op 14 augustus 2023.
Uitkomst: De vorderingen tot schorsing concurrentiebeding en matiging relatiebeding worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.