ECLI:NL:RBMNE:2023:6107
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beoordeling stikstofdepositie en natuurtoestemming bij bouw van 246 woningen in Utrecht
De zaak betreft de stikstofuitstoot tijdens de bouw van 246 woningen op het monumentale CAB-gebouw in Utrecht, nabij het Natura 2000-gebied Oostelijke Vechtplassen. De Utrechtse Bomenstichting betwistte of het college voldoende rekening had gehouden met stikstofdepositie en stelde dat een natuurvergunning vereist was. Het college had een omgevingsvergunning verleend zonder natuurvergunning, omdat de stikstofdepositie volgens berekeningen verwaarloosbaar was.
De rechtbank beoordeelde de verschillende stikstofonderzoeken, waaronder een initieel onderzoek met kengetallen en latere berekeningen op basis van concrete gegevens van de geselecteerde aannemer. De rechtbank concludeerde dat het college terecht is uitgegaan van de meest recente en concrete gegevens en dat de vergewisplicht is nageleefd. De Utrechtse Bomenstichting kon onvoldoende aantonen dat de aannemergegevens onjuist waren.
Specifieke bezwaren over reductiepercentages van NoNOx-filters, stationair draaien van betonmixers en filevorming werden onderzocht. De rechtbank achtte de reductie van 90% bij heistellingen aannemelijk, volgde het college in de berekening van betonmixers en vond dat ook bij een worstcasescenario met 80% filevorming de stikstofdepositie verwaarloosbaar bleef.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, handhaafde de omgevingsvergunning en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. De bouw mag starten zonder aanvullende natuurtoestemming.
Uitkomst: Het beroep van de Utrechtse Bomenstichting wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft in stand.