Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 oktober 2023 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
de gemeente Leusden,(vergunninghouder)
Rechtbank Midden-Nederland
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leusden verleende een omgevingsvergunning voor een tijdelijke bouwweg, eerst voor twee jaar en later verlengd tot medio januari 2024. Eiser, wonende nabij de bouwweg, maakte bezwaar tegen deze verlenging vanwege overlast door opwaaiend stof, geluidshinder en vermeende onvoldoende bescherming van de ijsvogel als beschermde diersoort. Ook stelde hij dat er onvoldoende communicatie met omwonenden had plaatsgevonden.
De rechtbank toetste of het college bij de vergunningverlening de belangen zorgvuldig had afgewogen en of de motivering van het besluit redelijk was. Het college had een voorschrift opgenomen dat de bouwweg nat gehouden moet worden om stofoverlast te beperken. Ecologische onderzoeken toonden aan dat de bouwweg geen significante negatieve effecten heeft op beschermde flora en fauna, waaronder de ijsvogel. Daarnaast was gebleken dat omwonenden via klankbordgroepen en informatieavonden waren betrokken, hoewel een specifieke informatieavond over de verlenging nog gepland stond.
De rechtbank oordeelde dat het college binnen haar beleidsruimte redelijk heeft gehandeld, de belangen van omwonenden en de gemeente heeft afgewogen en dat de vergunningverlening niet onrechtmatig is. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van de omgevingsvergunning voor de tijdelijke bouwweg wordt ongegrond verklaard.