Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
A: voetbalveldje van CJVV. [13]
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]) terug bij de auto.
de rechtbank begrijpt: verdachte) aan haar een rondje te lopen. Zij is meegegaan en die jongen die het bij mij probeerde (
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]) is toen ook meegegaan. [22] Ze vroegen haar uit te stappen. Zij is toen uitgestapt en meegegaan.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
verkrachting in vereniging.
verkrachting.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
- een gevangenisstraf van 24 maanden;
- een dadelijk uitvoerbare vrijheidsbeperkende maatregel in de zin van artikel 38v Wetboek van Strafrecht, inhoudende een contactverbod met [slachtoffer] voor de duur van 3 jaren, per overtreding te vervangen door 1 maand hechtenis, met een maximum van 6 maanden vervangende hechtenis.
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
een gevangenisstraf van 48 maanden;
een gedeelte van 12 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
een proeftijd van 2 (twee) jarenvast;
bijzondere voorwaardendat verdachte gedurende de proeftijd:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheidals bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht voor de duur van drie jaren en beveelt dat verdachte: op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt, maakt of heeft met [slachtoffer] (geboren: [2005] );
dadelijk uitvoerbaaris;
- wijst
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van een deel van het toegewezen bedrag (€ 5.000,-), en veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer] van het andere deel van het toegewezen bedrag (€ 10.000,-), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 oktober 2020 tot de dag van volledige betaling, met dien verstande dat indien en voor zover (ten aanzien van de toegewezen € 10.000,-) reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 5.000,- te betalen, en legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] € 10.000,- aan de Staat te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 oktober 2020 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 110 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij (en/of zijn mededader ten aanzien van de toegewezen € 10.000,-) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.