ECLI:NL:RBMNE:2023:3593
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Verklaring omtrent het Gedrag na veroordeling tot gevangenisstraf
Eiser heeft een Verklaring omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd voor een vrijwilligersfunctie bij Stichting Bidaya. De minister heeft de aanvraag afgewezen vanwege een strafrechtelijke verdenking binnen de terugkijktermijn van vier jaar. Na bezwaar handhaafde de minister het besluit. Eiser voerde in beroep aan dat hij slechts verdachte was, zijn voorlopige hechtenis was geschorst en hij geen eerdere strafbare feiten had.
Tijdens de zitting bleek dat eiser inmiddels veroordeeld is tot vier jaar gevangenisstraf en dat de voorlopige hechtenis is opgeheven. De rechtbank oordeelde dat deze veroordeling de eerdere beroepsgronden ondermijnt en dat de belangenafweging door de minister terecht in het nadeel van eiser is uitgevallen. Ondanks positieve rapportages weegt de ernst van de feiten zwaarder.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waardoor eiser geen VOG krijgt en het griffierecht niet wordt terugbetaald. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de VOG-aanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege de veroordeling tot vier jaar gevangenisstraf.