ECLI:NL:RBMNE:2023:3033

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
26 mei 2023
Publicatiedatum
27 juni 2023
Zaaknummer
22/4704
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:5 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen besluit Belastingdienst/Toeslagen niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken beroepsgronden

Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Belastingdienst/Toeslagen van 18 augustus 2022. De rechtbank heeft het beroepschrift beoordeeld en vastgesteld dat het niet voldoet aan de wettelijke eisen, omdat eiser niet heeft aangegeven waarom hij het niet eens is met het besluit, oftewel het ontbreken van beroepsgronden.

De rechtbank heeft eiser op 8 december 2022 schriftelijk verzocht binnen vier weken aan te geven waarom hij het niet eens is met het besluit, maar eiser heeft niet gereageerd. Hierdoor kan de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelen.

De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en doet geen inhoudelijke uitspraak over het beroep. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.A.M. Elzakkers op 26 mei 2023 te Utrecht.

Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en het niet reageren op het verzoek tot aanvulling.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/4704

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 mei 2023 in de zaak tussen

[eiser] , te [woonplaats] , eiser,

en

Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend tegen het besluit van verweerder van 18 augustus 2022.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Het beroepschrift voldoet niet aan de wettelijke eisen, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet zeggen waarom hij het niet eens is met het besluit en dit ook uitleggen. Dat worden ‘beroepsgronden’ genoemd. Dit staat in artikel 6:5 van Pro de Awb. Als dat niet gebeurt is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom er geen beroepsgronden zijn genoemd. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
3. De rechtbank heeft eiser op 8 december 2022 een brief gestuurd, waarin staat dat eiser binnen vier weken moet aangeven waarom hij het niet eens is met het besluit. Eiser heeft niet gereageerd op deze brief.
4. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.A.M. Elzakkers, rechter, in aanwezigheid van I.J. Tiktak, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 26 mei 2023.
(De rechter is buiten staat
de uitspraak te ondertekenen)
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.