De officier van justitie stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de rechter-commissaris die het verzoek om af te zien van het horen van een getuige afwees. De getuige is kwetsbaar en het OM stelde dat het horen van haar haar gezondheid en welzijn ernstig zou schaden, onderbouwd met medische en sociale rapporten.
De rechtbank behandelde het hoger beroep in raadkamer en oordeelde dat de rechter-commissaris niet in redelijkheid tot haar beslissing kon komen. Ondanks de voorgestelde kindvriendelijke studioverhoormethode, bleken de risico's voor de getuige te groot. De deskundige arts bevestigde dat het verhoor een sterk ontwrichtend effect zou hebben.
De rechtbank vond het belang van de getuige om niet te hoeven getuigen zwaarder wegen dan het belang van verdachte om haar te horen. De beslissing van de rechter-commissaris werd vernietigd en het verzoek van het OM om af te zien van het horen van de getuige werd toegewezen.