Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2023:2848

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
15 juni 2023
Publicatiedatum
16 juni 2023
Zaaknummer
9653860 MT VERZ 22-371
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:433 lid 2 BWArt. 3 lid 6 Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Kantonrechter beperkt beschermingsbewind tot bedrag toeslagenaffaire

De kantonrechter heeft bij beschikking van 15 juni 2023 het verzoek tot opheffing van het beschermingsbewind van rechthebbende gedeeltelijk afgewezen. Het bewind was ingesteld sinds 2011 over het vermogen van rechthebbende. Tijdens de zittingen bleek dat zij haar reguliere financiën goed kan beheren, maar er zijn zorgen over het beheer van het compensatiebedrag uit de toeslagenaffaire.

De bewindvoerder stelde een bedrag van €4.800 beschikbaar, dat binnen twee maanden vrijwel was uitgegeven. Rechthebbende heeft momenteel €48.000 op haar rekening, en de bewindvoerder vreest dat dit bedrag snel zal verdwijnen als het bewind volledig wordt opgeheven. Daarom is besloten het bewind te beperken tot een spaarrekening met een bedrag van €30.000, waarvan opnames alleen met toestemming van de bewindvoerder kunnen plaatsvinden.

De kantonrechter heeft de beloning van de bewindvoerder vastgesteld op €564 inclusief BTW, afwijkend van de standaardregeling, vanwege het beperkte karakter van het bewind. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het bewind wordt afgewezen en het bewind beperkt tot een spaarrekening met €30.000 waar alleen met toestemming van de bewindvoerder bedragen van kunnen worden opgenomen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Bewindsbureau
locatie Almere
zaaknummer: 9653860 MT VERZ 22-371

Beschikking tot opheffing/beperking van het bewind d.d. 15 juni 2023

Inzake:
[rechthebbende]
wonende [adres 1]
[postcode 1] [woonplaats]
geboren te distrikt [distrikt] , Suriname op [geboortedatum] 1975
hierna te noemen: rechthebbende.

De procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 26 januari 2022;
  • de schriftelijke reactie van de bewindvoerder, ter griffie ingekomen op 4 februari 2022;
  • de brieven van de bewindvoerder, ter griffie ingekomen op 14 maart 2022 en 12 september 2022;
  • de brieven van rechthebbende, ter griffie ingekomen op 16 augustus 2022 en 7 november 2022;
  • de berichten van de bewindvoerder in Toezicht, ter griffie ingekomen op 21 september 2022, 25 november 2022, 23 februari 2023, 24 februari 2023, 10 maart 2023, 7 april 2023, 12 mei 2023 en 30 mei 2023.
Het verzoek is behandeld ter zitting van 30 december 2022 en 25 januari 2023. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van de zittingen.

De beoordeling

Bij beschikking van de kantonrechter te Lelystad d.d. 11 maart 2011 is het vermogen van rechthebbende onder bewind gesteld. Nu is [A] , als zodanig handelende onder de naam [handelsnaam] , postadres: [adres 2] , [postcode 2] [plaats] , bewindvoerder.
Het verzoek is aanvankelijk behandeld op de (digitale) behandeling van 30 december 2022. Door verbindingsproblemen heeft de kantonrechter toen alleen met de bewindvoerder gesproken en niet met rechthebbende. Op 25 januari 2023 heeft een tweede mondelinge behandeling plaatsgevonden op de zittingslocatie van de rechtbank in Almere.
Op de mondelinge behandeling is duidelijk geworden dat rechthebbende goed in staat is haar reguliere financiën te zelf te beheren. De bewindvoerder maakt zich echter wel zorgen over het tempo waarmee rechthebbende het bedrag van de compensatieregeling van de toeslagenaffaire wil uitgeven. De bewindvoerder heeft in het kader van het zelfredzaamheidstraject een bedrag van € 4.800,- beschikbaar gesteld (naast haar reguliere budget) en dit bedrag was binnen twee maanden nagenoeg op.
Rechthebbende heeft op dit moment € 48.000,00 op haar rekening staan en de bewindvoerder vreest dat het bedrag binnen afzienbare tijd op zal zijn nadat het bewind volledig zou worden opgeheven.
De kantonrechter heeft rechthebbende en de bewindvoerder in overweging gegeven het bewind te beperken tot een spaarrekening waar een bedrag van € 30.000,00 op blijft staan en waar rechthebbende alleen met toestemming van de bewindvoerder bedragen van op kan nemen.
Nadien heeft de bewindvoerder laten weten dat rechthebbende en de bewindvoerder akkoord zijn met deze beperking van het bewind.
De kantonrechter is van oordeel dat volledige opheffing van het bewind nu (nog) niet aan de orde is. Rechthebbende heeft (nog) moeite met het op een verantwoorde wijze beheren van het bedrag van de toeslagenaffaire. Dit betekent dat de kantonrechter het oorspronkelijke opheffingsverzoek van rechthebbende gedeeltelijk zal afwijzen, in die zin dat er slechts een beperkt bewind resteert. De kantonrechter zal bepalen dat dit beperkte bewind zal rusten op één spaarrekening van rechthebbende waar een bedrag van € 30.000,-- op blijft staan en waar alleen bedragen van opgenomen kunnen worden in overleg met de bewindvoerder.
De kantonrechter zal gelet op het gegeven dat er een beperkt bewind wordt ingesteld, de jaarbeloning van de te benoemen bewindvoerder op grond van artikel 3 lid 6 van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren afwijkend vast stellen. De kantonrechter zal derhalve de beloning vaststellen op € 564,- inclusief BTW.

De beslissing

De kantonrechter:
- wijst het verzoek tot opheffing van het bewind af;
- ontslaat alle goederen van rechthebbende uit het bewind met uitzondering van de Rabobank spaarrekening met nummer [rekeningnummer] op naam van
[rechthebbende];
- stelt de beloning vast op het tarief dat hiervoor is bepaald.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. Crouwel, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2023, in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beslissing kan binnen drie maanden na de dag van de uitspraak hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, Postbus 1704, 8901 CA Leeuwarden. Het beroepschrift kan uitsluitend door een advocaat worden ingediend.