Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
growshop. De medeverdachte parkeerde zijn bestelauto dichtbij een pallet met zakken potgrond. Dit voertuig – dat toen ook al aan medeverdachte toebehoorde – is eind 2015 ook al eens bij Greenhome gezien. Vanuit Greenhome begeeft het voertuig zich naar het pand aan de [adres] in [plaats] . Alle luxaflex en gordijnen aan de bovenzijde van dit pand zijn gesloten. Ook het rolluik beneden is dicht. Nadat medeverdachte het pand is binnengereden, wordt het rolluik opnieuw gesloten. Enige tijd later gaat het rolluik weer omhoog en verlaat de auto het pand. [21] Vervolgens voert de politie op 21 september 2018 een warmtemeting uit op het pand. Uit die meting komt naar voren dat de temperatuur van de overheaddeur ruim 5 graden hoger is dan die van de overheaddeuren van andere panden. [22]
Kan jij morgen kantoor doen rechts 800/800 links 1200/1200 en 500 blauwe dop).
Whatsappberichten tussen verdachte en medeverdachte bevat van vóór 6 september 2018, de aanvang van de tenlastegelegde periode. Daarmee acht de rechtbank de onder 1 ten laste gelegde periode wettig en overtuigend bewezen.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 47, 57, 311 van het Wetboek van Strafrecht en
- 3 en 11 van de Opiumwet;
11.BESLISSING
- verklaart Liander N.V. niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt.