ECLI:NL:RBMNE:2023:2572
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking maatregel verlaging ziekengeld wegens re-integratieplicht ex-werknemer
De zaak betreft een bestuursrechtelijk beroep van een werkgever tegen een besluit van het UWV waarin een maatregel tot verlaging van het ziekengeld van een ex-werknemer wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werd ingetrokken.
De ex-werknemer was tot 1 december 2021 in dienst en meldde zich ziek op 11 mei 2021. Na het einde van het dienstverband ontving hij ziekengeld op grond van de Ziektewet. De werkgever, als eigenrisicodrager, verzocht het UWV om een maatregel op te leggen wegens vermeende onvoldoende medewerking aan re-integratie, waarop het UWV een verlaging van het ziekengeld oplegde. De ex-werknemer maakte bezwaar, waarna het UWV het bezwaar tegen de maatregel wegens onvoldoende medewerking gegrond verklaarde en de maatregel introk.
De werkgever stelde beroep in tegen dit bestreden besluit. De rechtbank oordeelde dat de werkgever onvoldoende had onderbouwd dat de ex-werknemer niet meewerkte aan zijn re-integratie. Er ontbraken concrete afspraken en een plan van aanpak, en de re-integratieverplichtingen golden pas vanaf 1 december 2021. De rechtbank volgde het UWV in zijn oordeel dat onvoldoende was komen vast te staan dat de ex-werknemer zijn re-integratieverplichtingen niet nakwam.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waardoor het bestreden besluit standhoudt. De werkgever krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug. De uitspraak werd gedaan door rechter I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas op 2 juni 2023.
Uitkomst: Het beroep van de werkgever is ongegrond verklaard en het bestreden besluit van het UWV blijft in stand.