Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
hierna te noemen: verdachte.
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.VRIJSPRAAK
Sommige huidafwijkingen zijn het gevolg van medisch handelen (prikgaatjes op het hoofd door CFM-naaldjes, op de buik door defribrillatieplakkers en op het linker onderbeen door een botnaald).
veel waarschijnlijkerzijn onder de hypothese toegebracht letsel dan onder de hypothese accidenteel ontstaan letsel, terwijl Karst concludeert dat de bevindingen
waarschijnlijkerzijn onder de hypothese toegebracht letsel dan onder de hypothese accidenteel ontstaan letsel.
veelwaarschijnlijker is onder de hypothese toegebracht letsel dan onder de hypothese accidenteel letsel. De rechtbank zal deze hogere mate van waarschijnlijkheid niet in haar oordeel betrekken, nu ter terechtzitting door Karst is toegelicht dat door Van Parys een andere studie is gebruikt ter onderbouwing van die waarschijnlijkheid. In die studie is mogelijk sprake geweest van een cirkelredenering, die in de studie waarop Karst zich baseert, juist is uitgesloten. In andere woorden, de rechtbank zal voor wat betreft de combinatie van de medische bevindingen bij [slachtoffer (voornaam)] onder de hypothese toegebracht letsel versus accidenteel letsel, de bewijskracht waarschijnlijker hanteren.
6.BENADEELDE PARTIJ
6.BESLISSING
- verklaart [A] niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil;