ECLI:NL:RBMNE:2023:158
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen aanslagen afvalstoffen- en zuiveringsheffing en vertrouwensbeginsel
Eiseres is samen met haar minderjarige broers en/of zussen eigenaar van een woning die zij niet bewonen, maar wel gebruiken voor activiteiten zoals huiswerk maken. De heffingsambtenaar legde aanslagen afvalstoffenheffing en zuiveringsheffing op voor de jaren 2020 en 2021. Eiseres betwist de aanslagen en beroept zich op het vertrouwensbeginsel, omdat medewerkers van de heffingsambtenaar telefonisch zouden hebben bevestigd dat zij geen gebruiker is en daarom geen heffingen verschuldigd zou zijn.
De rechtbank oordeelt dat eiseres als gebruiker van de woning moet worden aangemerkt omdat de woning wordt gebruikt en er afvalstoffen kunnen ontstaan, ongeacht dat het afval elders wordt aangeboden. De aanslagen zijn daarom terecht opgelegd. Het beroep op het vertrouwensbeginsel wordt verworpen omdat niet aannemelijk is gemaakt dat toezeggingen zijn gedaan waarop eiseres mocht vertrouwen.
Verder wordt geoordeeld dat het tweede bezwaarschrift van eiseres terecht als beroepschrift is aangemerkt en dat de heffingsambtenaar dit niet tijdig aan de rechtbank heeft doorgezonden, maar dit leidt niet tot gegrondverklaring van het beroep. De beroepen worden ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de aanslagen afvalstoffenheffing en zuiveringsheffing.