Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 13 januari 2022 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
de heffingsambtenaar van de gemeente [plaats] , de heffingsambtenaar.
Procesverloop
Vaststaande feiten
Geschil
Beoordeling
Conclusie
Griffierecht en proceskosten
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- stelt de waarde van de onroerende zaak [adres] in [plaats] vast op € 10.500.000,- naar de waardepeildatum 1 januari 2019;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar de aanslag onroerendezaakbelastingen dienovereenkomstig vermindert;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;
- veroordeelt de heffingsambtenaar in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.620,-;
- draagt de heffingsambtenaar op het betaalde griffierecht van € 48,- aan eiser te vergoeden.