In deze civiele zaak vordert Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Kappersbedrijf (Bpf Kappers) de voeging van haar hoofdzaak met een andere aanhangige procedure bij dezelfde rechtbank. De rechtbank overweegt dat voeging slechts een processuele samenvoeging betreft en dat de zelfstandigheid van de afzonderlijke procedures behouden blijft.
De rechtbank wijst de incidentele vordering tot voeging toe omdat de aangevoerde gronden niet zijn weersproken en voldoende zijn om de voeging te rechtvaardigen. Partijen worden in hun proceskosten gecompenseerd, wat betekent dat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Verder wordt het verzoek van gedaagde Appel Pensioenuitvoering B.V. en Stichting Administratie Groep Holland (AGH) om AGH toe te laten tot het indienen van een conclusie van antwoord in de procedure waarmee wordt gevoegd afgewezen, omdat AGH daarin geen partij is. De rechtbank benadrukt dat voeging geen wijziging brengt in de procespositie van partijen.
De zaak wordt op 24 augustus 2022 opnieuw op de rol gezet voor conclusie van antwoord.