De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte vrijgesproken van de tenlastegelegde feiten van het telen van 382 hennepplanten en het stelen van 83.750 kWh elektriciteit in een pand te Veenendaal. De hennepkwekerij werd op de zolder van het pand aangetroffen, terwijl verdachte op de eerste verdieping woonde.
Hoewel verdachte woonde in het pand waar de kwekerij en illegale stroomaftapping plaatsvonden, kon de rechtbank niet vaststellen dat verdachte wist van de hennepkwekerij of medeplichtig was aan de diefstal van elektriciteit. Er was geen forensisch bewijs dat verdachte bij de kwekerij was geweest en de belastende verklaringen van de medeverdachte waren onvoldoende betrouwbaar.
De officier van justitie had vrijspraak gevorderd voor de primaire feiten, maar achtte de subsidiaire feiten van medeplichtigheid bewezen. De verdediging betoogde dat verdachte geen betrokkenheid had en geen woning ter beschikking had gesteld voor de kwekerij. De rechtbank volgde de verdediging en sprak verdachte vrij. Ook werd de vordering van de benadeelde partij Stedin Netbeheer B.V. afgewezen wegens de vrijspraak.