ECLI:NL:RBMNE:2022:4654
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens ontbreken laden en lossen
Eiseres maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd op 8 juni 2021 omdat zij stelde dat zij niet parkeerde maar onmiddellijk aan het laden en lossen was. De rechtbank beoordeelde het beroep op basis van de overgelegde bewijsstukken, waaronder een afleverbon en een foto van de scanauto.
De rechtbank stelde vast dat eiseres haar voertuig gedurende een korte periode stilzette op een parkeerplaats zonder parkeerbelasting te betalen. De uitzondering voor onmiddellijk laden en lossen, zoals bedoeld in artikel 225, tweede lid, van de Gemeentewet, werd niet aannemelijk gemaakt. De foto toonde geen aanwijzingen van laden en lossen, zoals openstaande deuren of parkeerlichten. Ook de afleverbon toonde niet aan dat er op dat moment daadwerkelijk werd geladen of gelost.
De stelling dat de laad- en losstrook bezet was door een vuilcontainer werd verworpen omdat hiervoor geen vergunning was afgegeven en er meerdere laad- en losstroken beschikbaar waren. De rechtbank concludeerde dat er sprake was van parkeren en dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiseres kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.