ECLI:NL:RBMNE:2022:4342
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep bijstand en toepassing kostendelersnorm ondanks tijdelijk verblijf
Eiseres vroeg op 17 september 2021 een bijstandsuitkering aan. Verweerder kende bijstand toe met toepassing van de kostendelersnorm, omdat eiseres haar hoofdverblijf bij haar stiefvader had. Eiseres maakte bezwaar en stelde dat zij slechts tijdelijk bij haar stiefvader verbleef en haar hoofdverblijf elders was. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat het hoofdverblijf van eiseres op het adres van haar stiefvader was, mede op basis van haar eigen verklaringen.
Verder stelde eiseres zich op het standpunt dat de bijstand had moeten worden afgestemd op haar situatie omdat zij de vaste lasten van haar eigen woning bleef betalen. De rechtbank oordeelde dat individuele afstemming alleen mogelijk is bij zeer bijzondere situaties, wat hier niet het geval was. De keuze om de woning aan te houden was een eigen verantwoordelijkheid van eiseres en de kosten daarvan zijn niet voor rekening van de bijstand.
Ten slotte wees de rechtbank het beroep af op het punt van de vermogenstoename, omdat eiseres onvoldoende concreet had gemotiveerd waarom de berekening onjuist zou zijn. De rechtbank verleende wel vrijstelling van griffierecht vanwege de financiële situatie van eiseres. Het beroep werd ongegrond verklaard en de bijstandsuitkering met kostendelersnorm bleef van kracht.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de toepassing van de kostendelersnorm en vaststelling van haar hoofdverblijf wordt ongegrond verklaard.