ECLI:NL:RBMNE:2022:3521

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
2 september 2022
Publicatiedatum
1 september 2022
Zaaknummer
UTR 22/463
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht in bestuursrechtelijke toeslagzaak

Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Belastingdienst/Toeslagen van 8 september 2021. De rechtbank heeft eiser meerdere malen verzocht het griffierecht van €50,- te betalen, eerst per brief op 19 februari 2022 en vervolgens per aangetekende herinnering op 20 maart 2022. Ondanks deze aanmaningen heeft eiser het griffierecht niet voldaan en geen geldige reden voor het uitblijven van betaling gegeven.

Volgens artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het betalen van griffierecht een vereiste voor de ontvankelijkheid van het beroep. De rechtbank kan het beroep in beginsel niet inhoudelijk behandelen als het griffierecht niet is betaald, tenzij er sprake is van omstandigheden die buiten de macht van eiser liggen.

De rechtbank heeft geen uitzonderlijke omstandigheden vastgesteld en verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 Awb Pro. Tevens wordt geen proceskostenvergoeding toegekend aan eiser. De uitspraak is gedaan door rechter M. Eversteijn en griffier K.S. Smits op 2 september 2022 te Utrecht.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/463

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 september 2022 in de zaak tussen

[eiser] , te [woonplaats] , [land] , eiser,

en

Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser tegen het besluit van verweerder van 8 september 2021.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiser heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 50,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiser op 19 februari 2022 een brief gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank. Bij aangetekende brief van 20 maart 2022 heeft de rechtbank eiser een herinnering gestuurd dat eiser het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet ontvangen. Eiser heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro).
7. Eiser krijgt geen gelijk en daarom ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Eversteijn, rechter, in aanwezigheid van
mr. K.S. Smits, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 2 september 2022. .
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.