Uitspraak
[veroordeelde] ,
hierna te noemen: veroordeelde.
ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
VORDERING
Het standpunt van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
BEOORDELING VAN DE VORDERING
De grondslag van de vordering
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
In deze ontnemingszaak heeft de rechtbank Midden-Nederland het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €46.278,09, voortkomend uit meervoudige diefstallen gepleegd door veroordeelde tussen 19 juni 2018 en 5 oktober 2020. De rechtbank baseert zich op bankafschriften en transacties die aantonen dat dit bedrag van een bankrekening is weggenomen.
De officier van justitie vorderde primair afwijzing van de ontnemingsvordering indien de schadevergoedingsmaatregel aan de benadeelde partij wordt opgelegd, en subsidiair toewijzing van de ontnemingsvordering. De verdediging verzocht om afwijzing van de ontnemingsvordering of vermindering van het bedrag met €1.819,72, omdat dit saldo op een bankrekening geen voordeel voor veroordeelde opleverde.
De rechtbank oordeelt dat het wederrechtelijk verkregen voordeel voldoende aannemelijk is en stelt het bedrag conform het bewezenverklaarde vast. Gezien de opgelegde schadevergoedingsmaatregel aan de benadeelde partij en de betalingsverplichting daaraan, stelt de rechtbank de betalingsverplichting aan de Staat op nihil. Hiermee wordt voorkomen dat veroordeelde dubbel wordt belast.
Het vonnis is gewezen door de meervoudige kamer en uitgesproken op 31 augustus 2022 in Lelystad.
Uitkomst: Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt vastgesteld op €46.278,09 en de betalingsverplichting aan de Staat wordt op nihil gesteld.