ECLI:NL:RBMNE:2022:3425
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen vastgestelde WOZ-waarde van een woning in Utrecht
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de WOZ-waarde van zijn woning in Utrecht, welke door verweerder is vastgesteld op €336.000 per 1 januari 2020. Verweerder baseerde deze waarde op een taxatiematrix met drie vergelijkbare woningen in dezelfde straat, verkocht rond de waardepeildatum.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende inzicht heeft gegeven in de waardebepaling en dat de referentiewoningen vergelijkbaar zijn. Eiser voerde aan dat de indexering onduidelijk is, de staat van onderhoud slechter dan 'matig' is en dat de ligging nadelig is, maar deze gronden zijn niet aannemelijk gemaakt of worden door verweerder gemotiveerd weerlegd.
De rechtbank volgt verweerder in zijn uitleg over de waarderingsmethodiek en taxatie en wijst het beroep af. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €336.000 wordt ongegrond verklaard.