ECLI:NL:RBMNE:2022:3397
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering dwangsom studiefinanciering wegens tijdige besluitvorming
Eiser diende op 20 oktober 2020 een aanvraag in voor studiefinanciering. Verweerder kende daarop collegegeldkrediet toe voor de periode september 2020 tot en met december 2021 en nam op 13 oktober 2021 een besluit over studiefinanciering voor 2022. Eiser stelde verweerder op 24 november 2021 in gebreke wegens het uitblijven van een beslissing over studiefinanciering voor 2022 en verzocht om een dwangsom.
Verweerder wees het verzoek om dwangsom af omdat er al een besluit was genomen en eiser bezwaar had kunnen maken tegen de beperkte toekenning, wat hij niet had gedaan. Eiser voerde aan dat verweerder onterecht slechts een beperkte periode beoordeelde, wat in strijd zou zijn met het Unierecht.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 13 oktober 2021 een rechtsgeldige beslissing was en dat er geen verdere beslissing hoefde te worden genomen. Omdat er geen aanvraag meer openstond, was het verzoek om een dwangsom terecht afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het dwangsomverzoek wordt ongegrond verklaard omdat verweerder tijdig een besluit heeft genomen.