Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 juli 2022 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2022.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser diende op 25 oktober 2021 een verzoek om handhaving in bij de gemeente Stichtse Vecht. Verweerder stelde de beslistermijn eenmaal met acht weken uit, maar nam uiteindelijk niet tijdig een besluit. Eiser stelde verweerder in gebreke en stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onrechtmatig heeft gehandeld door niet tijdig te beslissen en verklaart het beroep gegrond. Verweerder wordt opgedragen binnen acht weken alsnog een besluit te nemen. Voor elke dag dat verweerder daarna nog te laat is, moet een dwangsom van € 100,- worden betaald, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast moet verweerder de reeds toegekende dwangsom van € 1.442,- betalen, het griffierecht vergoeden en een proceskostenvergoeding van € 379,50 aan eiser voldoen. De rechtbank ziet de zienswijzetermijn als een goede reden voor de verlenging van de beslistermijn.
Uitkomst: Beroep gegrond; bestuursorgaan moet binnen acht weken alsnog beslissen met oplegging van dwangsom en vergoeding van kosten.