Uitspraak
1.De procedure
Bij de mondelinge behandeling is verzoeker verschenen. Ook mr. Stijnen was aanwezig.
Rechtbank Midden-Nederland
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen rechter mr. R.C. Stijnen, stellende dat deze rechter een persoonlijke afkeer van hem heeft en bevooroordeeld is ten gunste van de gemeente. Dit verzoek werd ingediend nadat verzoeker al op de hoogte was van de behandeling van zijn zaak door deze rechter, waardoor het verzoek te laat werd geacht.
Daarnaast richtte verzoeker zich met een wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer zelf, omdat mr. Stijnen lid is van deze kamer en eerder betrokken was bij een wrakingsverzoek tegen de voorzitter. Dit verzoek werd buiten behandeling gesteld wegens evident misbruik van recht, omdat verzoeker geen concrete feiten aanvoerde die de onpartijdigheid van de individuele wrakingskamerleden aantasten.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek tegen de rechter niet ontvankelijk is omdat verzoeker niet tijdig heeft gehandeld nadat hij wist dat mr. Stijnen de zaak zou behandelen. Tevens werd het wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer verworpen. De procedure wordt hervat zoals die was voor de schorsing vanwege het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening en het wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer is buiten behandeling gesteld wegens misbruik van recht.