ECLI:NL:RBMNE:2022:2605
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking verzoek voorlopige voorziening rijbewijsongeldigheid
Verzoekster kreeg op 7 maart 2022 te horen dat haar rijbewijs per 14 maart 2022 ongeldig werd verklaard wegens ongeschiktheid om te rijden. Hiertegen maakte zij bezwaar en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Nadat verweerder het bezwaar gegrond verklaarde en het primaire besluit herrolde, trok verzoekster haar verzoek om voorlopige voorziening in.
Naar aanleiding hiervan verzocht verzoekster om proceskostenvergoeding. Verweerder reageerde niet op dit verzoek. De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder tegemoet was gekomen aan het verzoek en wees het verzoek om proceskostenveroordeling toe.
De proceskosten werden vastgesteld op € 1.300,- op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij punten werden toegekend voor het indienen van het bezwaarschrift en het verzoekschrift. Tevens wees de voorzieningenrechter erop dat het betaalde griffierecht van € 184,- door verweerder kan worden vergoed.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen tot betaling van € 1.300,- aan proceskosten aan verzoekster.