Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 mei 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [vestigingsplaats] , eiseres
UWV Amsterdam, bezwaar en beroep (het Uwv)
Inleiding
Overwegingen
Beoordelingskader
Het geschil
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres, exploitant van een evenementenbureau, diende aanvragen in voor NOW-3 tegemoetkoming voor de derde en vierde aanvraagperiode. Het UWV kende een tegemoetkoming toe op basis van loongegevens over juni 2020, ondanks dat de loonaangifte over juni 2020 door een softwarefout pas na de wettelijke deadline was ingediend.
Eiseres stelde dat het UWV had moeten uitgaan van de loongegevens van april 2020 als referentiemaand, omdat de juni-aangifte niet tijdig was ingediend. Het UWV stelde dat correcties in de juli 2020 loonaangifte ook gegevens over juni bevatten, waarmee de hoogte van de tegemoetkoming juist was berekend.
De rechtbank oordeelde dat volgens de NOW-3 regeling de loongegevens die uiterlijk op 26 augustus 2020 bekend waren, bepalend zijn, ongeacht of deze volledig waren of uit correcties afkomstig. De rechtbank vond dat het UWV terecht uitging van de bekende loongegevens over juni 2020 en wees de beroepen af.
Eiseres kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak bevestigt de strikte toepassing van de NOW-3 regeling zonder hardheidsclausule, ook bij onvolledige of late loonaangiften.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat het UWV de hoogte van de NOW-3 tegemoetkoming correct heeft vastgesteld.