ECLI:NL:RBMNE:2022:169
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over openbaarmaking memo onder Wob
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van een memo over het beoordelingskader bij een beroep op verjaring van gemeentegrond. De gemeente De Ronde Venen weigerde aanvankelijk openbaarmaking van drie zinnen, stellende dat deze persoonlijke beleidsopvattingen bevatten. Na bezwaar verklaarde de gemeente het bezwaar gegrond en maakte meer passages openbaar, maar weigerde alsnog twee zinnen onder het kopje 'Kernboodschap' openbaar te maken.
De rechtbank oordeelde in een tussenuitspraak dat de gemeente onvoldoende had gemotiveerd waarom de eerste twee zinnen niet openbaar mochten worden gemaakt, omdat deze feitelijke gegevens bevatten en niet als persoonlijke beleidsopvatting konden worden aangemerkt. De rechtbank gaf de gemeente de gelegenheid dit motiveringsgebrek te herstellen. De gemeente voerde aan dat de zinnen verweven zijn met de derde zin die een persoonlijke beleidsopvatting bevat, en dat daarom alle drie geweigerd mogen worden.
De rechtbank volgde dit standpunt niet en oordeelde dat de feitelijke gegevens in de eerste twee zinnen niet verweven zijn met de beleidsopvatting in de derde zin. De rechtbank vernietigde het besluit voor zover het de weigering van openbaarmaking van de eerste twee zinnen betreft, herroept het primaire besluit en beveelt openbaarmaking daarvan. Tevens veroordeelde de rechtbank de gemeente tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit van de gemeente en beveelt openbaarmaking van de eerste twee geweigerde zinnen in de memo.