ECLI:NL:RBMNE:2022:148
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen WOZ-waarde
Verzoeker stelde beroep in tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning voor het belastingjaar 2020. Na bezwaar en beroep kwam de heffingsambtenaar van de gemeente alsnog tegemoet door de waarde te verlagen van €273.000 naar €217.000. Vervolgens trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank beoordeelde het verzoek om proceskostenvergoeding op basis van de Algemene wet bestuursrecht. Hoewel verweerder aan verzoeker tegemoet was gekomen, wees de rechtbank het verzoek af omdat alleen porto- en kopieerkosten waren opgevoerd. Deze kosten worden niet vergoed volgens het limitatieve Besluit proceskosten bestuursrecht.
Verder werd opgemerkt dat het griffierecht door verweerder wordt vergoed, wat reeds was toegezegd. Verzoeker werd geadviseerd dit rechtstreeks met verweerder af te handelen. De rechtbank deed uitspraak zonder zitting en verklaarde het verzoek tot proceskostenvergoeding ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat porto- en kopieerkosten niet voor vergoeding in aanmerking komen.