ECLI:NL:RBMNE:2022:1336
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening WOZ-waarde woning na onvoldoende onderbouwing door gemeente
De zaak betreft een geschil over de WOZ-waarde van een hoekwoning te Utrecht voor het belastingjaar 2021, vastgesteld op €353.000 door de gemeente. Eiser betwist deze waarde en stelt een lagere waarde van €323.000 voor. De rechtbank beoordeelt de onderbouwing van beide partijen.
De gemeente kon niet voldoende aantonen hoe de inhoud van de referentieobjecten was bepaald, terwijl eiser ook geen overtuigende motivering gaf voor zijn lagere waardering gebaseerd op vastgoedkaarten. Daarnaast werd een beroepsgrond over achterstallig onderhoud buiten beschouwing gelaten wegens te late indiening.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en stelt de WOZ-waarde schattenderwijs vast op €348.000. Tevens wordt de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig verminderd en wordt de gemeente veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank stelt de WOZ-waarde van de woning vast op €348.000 en vernietigt het bestreden besluit.