ECLI:NL:RBMNE:2021:927
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen beëindiging Ziektewetuitkering wegens voldoende verdiencapaciteit
Eiser was werkzaam als elektromonteur en meldde zich ziek op 23 april 2018. Na een Eerstejaars Ziektewetbeoordeling op 16 mei 2019 besloot de uitvoeringsinstantie op 5 juni 2019 de Ziektewetuitkering te beëindigen per 6 juli 2019, omdat eiser volgens medische en arbeidskundige rapportages meer dan 65% van zijn oorspronkelijke loon kan verdienen.
Eiser voerde aan dat de medische beoordeling onjuist was vanwege ernstige rugklachten en beperkingen bij tillen, trekken en buigen. De verzekeringsarts en arbeidsdeskundige concludeerden echter dat eiser geschikt is voor licht fysiek werk en dat de geduide functies geen overschrijding van zijn belastbaarheid veroorzaken.
De rechtbank oordeelde dat de medische en arbeidskundige rapportages zorgvuldig en begrijpelijk waren en dat eiser onvoldoende objectiveerbare medische informatie had overgelegd om de beoordeling te betwisten. De ervaren klachten van eiser zijn onvoldoende om de medische beoordeling te weerleggen.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering is ongegrond verklaard.