ECLI:NL:RBMNE:2021:6812
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
WOZ-waarde woning vastgesteld op €444.000 na beroep tegen te hoge waardering
De eigenaar van een vrijstaande woning uit 1927 aan een adres in [woonplaats] betwistte de door de gemeente vastgestelde WOZ-waarde van €456.000 voor het belastingjaar 2020. De gemeente handhaafde deze waarde na bezwaar. De rechtbank oordeelt dat de gemeente niet aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld.
De gemeente gebruikte de vergelijkingsmethode met drie referentiewoningen, maar hield geen rekening met een betere ligging van een van de referentiewoningen. De rechtbank acht de gebruikte referentiewoningen geschikt, maar vindt dat de waarde van €456.000 niet voldoende onderbouwd is. De taxatiematrix ondersteunt een waarde van €444.000, die de rechtbank als juiste waardering vaststelt.
De rechtbank wijst het beroep van de eigenaar toe, vernietigt de uitspraak op bezwaar, en bepaalt dat de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig wordt verminderd. Tevens wordt de gemeente veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: WOZ-waarde woning vastgesteld op €444.000 en aanslag onroerendezaakbelasting verminderd