Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
op 4 augustus 2021 te Utrecht heeft geprobeerd om middels braak en/of verbreking op de beveiligingsomhulsels een hoofdtelefoon en/of een webcam en/of een tablet te stelen van [benadeelde bedrijf] en dat daarbij geweld is gebruikt en/of gedreigd met geweld;
op 4 augustus 2021 te Utrecht zich met geweld en/of bedreiging met geweld heeft verzet tegen zijn aanhouding en dat brigadier [brigadier] hierdoor enig lichamelijk letsel heeft opgelopen;
op 11 mei 2021 te Utrecht samen met (een) ander(en) een Nintendo Switch heeft gestolen van [benadeelde bedrijf] en dat zij dit product onder hun bereik hebben gekregen door middel van het verwijderen van beveiligingspinnen;
op 2 april 2021 te Ede samen met (een) ander(en) diverse winkelgoederen heeft gestolen van [bedrijf 1] en dat daarbij geweld is gebruikt en/of gedreigd met geweld;
op 19 april 2021 te Ede samen met (een) ander(en) verpakkingen koffie heeft gestolen van [bedrijf 2].
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
onder 1 bewezen verklaardelevert volgens de wet het volgende strafbare feit op:
onder 2 bewezen verklaardelevert volgens de wet het volgende strafbare feit op:
onder 3 bewezen verklaardelevert volgens de wet het volgende strafbare feit op:
onder 4 bewezen verklaardelevert volgens de wet het volgende strafbare feit op:
onder 5 bewezen verklaardelevert volgens de wet het volgende strafbare feit op:
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJEN [brigadier] EN [benadeelde bedrijf]
€ 200,-. Dit bedrag bestaat geheel uit immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 2 ten laste gelegde feit.
10.VORDERINGEN TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
Strafbaarheid
- wijst de vordering van [brigadier] toe tot een bedrag van € 200,-;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [brigadier] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 augustus 2021 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [brigadier] aan de Staat € 200,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 augustus 2021 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 4 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- verklaart [benadeelde bedrijf] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil;