ECLI:NL:RBMNE:2021:6592
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken ondertekening en beroepsgronden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een onbekend besluit, maar heeft het beroepschrift niet ondertekend, geen besluit overgelegd en geen beroepsgronden ingediend. De rechtbank heeft eiser meerdere malen de gelegenheid gegeven om deze gebreken te herstellen, inclusief het verlenen van uitstel. Ondanks deze kansen heeft eiser niet voldaan aan de verzoeken.
De rechtbank benadrukt dat volgens artikel 6:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een beroepschrift ondertekend moet zijn en voorzien moet zijn van beroepsgronden en een kopie van het besluit. Het ontbreken hiervan leidt in principe tot niet-ontvankelijkheid, tenzij er geldige redenen zijn die buiten de macht van eiser liggen. Eiser gaf aan door verblijf in het buitenland niet te kunnen voldoen, maar dit werd niet als een geldige reden beschouwd omdat hij ook iemand anders had kunnen inschakelen.
Daarom kan de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelen en verklaart het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 Awb Pro. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van ondertekening, beroepsgronden en het besluit.