ECLI:NL:RBMNE:2021:5934
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Tozo-uitkering wegens niet-zijn zelfstandige door brand in Frankrijk
Eiser, voormalig zelfstandige taxichauffeur, vroeg bijstand aan op grond van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). Zijn eerdere Tozo-uitkering werd ingetrokken omdat hij sinds november 2020 niet meer in Nederland woonde, maar in Frankrijk, waar zijn woning was afgebrand.
Na terugkeer in Nederland diende eiser opnieuw een aanvraag in, die werd afgewezen omdat hij niet meer als zelfstandige werkte en dus niet tot de doelgroep van de Tozo behoorde. De rechtbank oordeelde dat het niet meer werken niet het gevolg was van de coronacrisis, maar van de brand waarbij ook zijn rijbewijs en chauffeurspas verloren gingen.
Eiser stelde dat hij niet kon werken omdat hij geen geld had voor een nieuw rijbewijs en dat het besluit in strijd was met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het zorgvuldigheids-, evenredigheids- en vertrouwensbeginsel. De rechtbank verwierp deze argumenten, benadrukkend dat de financiële problemen niet door corona waren veroorzaakt en dat het vertrouwensbeginsel niet was geschonden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om griffierechtvrijstelling toe. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de Tozo-aanvraag.