Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
248,00(2 punten x tarief € 124,00)
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres heeft aan gedaagde diverse diensten geleverd waarvoor facturen zijn gestuurd. Gedaagde betaalde niet tijdig, waarna een betalingsregeling werd overeengekomen op 8 december 2020. Deze hield in dat gedaagde voor eind 2020 €1.500 zou betalen en daarna maandelijks €1.000.
Op 1 maart 2021 beëindigde eiseres de regeling wegens niet-nakoming. Gedaagde stelde dat op 4 februari 2021 een nieuwe regeling was overeengekomen, maar dit werd door eiseres betwist en schriftelijk bevestigd dat de oude regeling bleef gelden. De kantonrechter oordeelde dat geen nieuwe regeling tot stand was gekomen.
Gedaagde betaalde na dagvaarding €4.000, maar bleef een bedrag van €913,17 plus wettelijke handelsrente en incassokosten verschuldigd. De buitengerechtelijke incassokosten werden gematigd tot het wettelijke maximum van €525. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van het resterende bedrag met rente en proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €813,17 plus wettelijke handelsrente en proceskosten.