Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[eiser sub 1] ,
[eiseres sub 2],
[eiseres sub 3],
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een geschil tussen drie families die woonwagenstandplaatsen huren of gebruiken op een woonwagencentrum van de gemeente De Ronde Venen. De families vorderen schadevergoeding wegens verzakking van de standplaatsen, waardoor hun woonwagens beschadigd zijn geraakt. De gemeente voerde verweer dat niet alle eisers aanspraak kunnen maken op vergoeding, dat er geen causaal verband is, en dat eigen schuld en ouderdom van de woonwagens in aanmerking moeten worden genomen.
De kantonrechter oordeelt dat de standplaats van eiseres sub 3 een gebrek vertoont door verzakking, waarvoor de gemeente als verhuurder aansprakelijk is. Er is voldoende causaal verband tussen het gebrek en de schade aan de woonwagen. De schadevergoeding wordt echter beperkt tot € 2.500 vanwege de ouderdom van de woonwagen en de eigen schuld van eiseres sub 3, die een grotere woonwagen plaatste dan toegestaan en onvoldoende voorzorgsmaatregelen nam.
Voor eiser sub 1 wordt de vordering afgewezen omdat hij niet als eigenaar van de woonwagen is aangemerkt en dus geen vermogensschade kan claimen. Eiseres sub 2 heeft geen huurovereenkomst met de gemeente en gebruikt een gedoogde standplaats; haar vordering wordt ook afgewezen omdat de gemeente niet aansprakelijk is voor de schade aan haar woonwagen op de door haar zelf ingenomen grond.
De kantonrechter wijst de proceskosten toe aan de gemeente en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. De gevorderde verklaringen voor recht worden afgewezen wegens gebrek aan belang en onbepaaldheid.
Uitkomst: De gemeente wordt veroordeeld tot betaling van € 2.500 schadevergoeding aan eiseres sub 3; overige vorderingen worden afgewezen.