Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
[naam] ,
Rechtbank Midden-Nederland
Verzoekster, Short Lease Nederland B.V., heeft een verzoek tot faillietverklaring ingediend tegen verweerder, een zelfstandige ICT-ondernemer, die zich beroept op de Tijdelijke wet COVID-19 om de behandeling aan te houden. De rechtbank beoordeelt dat verweerder onvoldoende inzicht heeft gegeven in zijn financiële situatie en geen concreet vooruitzicht op herstel kan bieden.
De rechtbank stelt vast dat verweerder sinds februari 2020 zijn opdracht verloor en dat zijn schulden aan verzoekster, voortvloeiend uit leaseovereenkomsten voor twee auto's, zijn opgelopen. Ondanks het aanbod om de auto's terug te geven, gebruikt verweerder nog één auto, wat de vordering verder doet oplopen. Het beroep op de Tijdelijke wet wordt afgewezen omdat verweerder niet aannemelijk heeft gemaakt dat zijn betalingsproblemen uitsluitend door de coronamaatregelen zijn veroorzaakt.
Na summier onderzoek concludeert de rechtbank dat verweerder is opgehouden met betalen en verklaart hem failliet. Tevens wordt een curator benoemd en een rechter-commissaris aangesteld om de belangen van schuldeisers te behartigen.
Uitkomst: Verzoek tot faillietverklaring wordt toegewezen en beroep op Tijdelijke wet COVID-19 afgewezen wegens onvoldoende financieel inzicht.